Broodafwijkingen
Er zijn talloze afwijkingen mogelijk tijdens de bereiding van brood. Vakleraar Wil Doomen gaat op deze pagina in op de verschillende mogelijkheden die hij tegen kwam bij de productie van degen op basis van gist en de producten die daarmee gemaakt worden.
| onderwerp | mogelijke oorzaken |
|
Onregelmatige korstkleur |
♦ Ongelijk bakkende oven. |
|
Vale korstkleur |
♦ Deeg te warm. |
|
Lichte kleur |
♦ Te hoge deegtemperatuur. |
|
Te donkere kleur |
♦ Te veel suiker. |
|
Taaie korst |
♦ Te lang in het blik gebleven na het bakken. |
|
Slappe korst |
♦ Te hoge oventemperatuur. |
|
Dikke broodkorst |
♦ Slechte kneding. |
|
Grove scheuren en barsten in de bovenkorst |
♦ Te korte narijs. |
|
Grove kruimstructuur |
♦ Te weinig getoerd (grove vetverdeling). ♦ Niet goed ontgast |
|
Kruimelige en onregelmatige kruimstructuur |
♦ Te droge vulling (minder dan 40% vocht). |
|
Te vast product |
♦ Te stijf deeg. |
|
Minder volume |
♦ Te hoog percentage vulling. |
|
Wilde bakaard |
♦ Te weinig getoerd. |
|
Spijs ingezakt |
♦ Spijs te veel afgeslapt. |
|
Vulling zakt weg |
♦ Te natte vruchten (deeg slapt enorm af). |
|
Droge brokkelige spijs en holle ruimte rond spijspil |
♦ Te stevige spijs. ♦ Te oude spijs (uitgedroogd). |
|
Uitbakken spijs en/ of vastzitten aan blik |
♦ Onvoldoende ingesloten. |
| Uitdrogen deeg/ korstvorming op het deeg |
♦ Geen plastic of deegkleedjes met een plastic rug gebruikt. |
|
Droge vulling |
♦ Te droge vulling (minder dan 40% vocht). |
|
Slecht rijzen |
♦ Korstvorming op het deeg. |
| Grauw en onsmakelijk uiterlijk |
♦ Stuk gedraaide vullingen. |
|
Verkleuring van het deeg en de broodkruim |
♦ Vulling niet gewassen. |
|
Vulling ongelijk verdeeld |
♦ Te kort doorgedraaid. |
|
Scheve brooduiteinden (koppen) |
♦ Deegstukken niet lang genoeg uitgerold (deegstukken iets langer uitrollen dan de lengte van de broodbussen voor het verkrijgen van de juiste koppen). |
|
Uitvloeien/ uitbakken van vetstof uit het deeg |
♦ Te hoge rijskasttemperatuur (de temperatuur in de rijskast niet hoger dan 6% dan de producten die er in worden geplaatst). |
| Onregelmatige bakaard |
♦ Losse bussen of koppels zonder tussenruimte in de oven geplaatst (koppels minimaal 1½ cm tussenruimte). |
|
Weinig of slechte smaak |
♦ Te kort gerezen. |
|
Gaten in het product |
♦ Te veel bloem gebruikt bij het verwerken. |
|
Product in elkaar gezakt |
♦ Te lang gerezen. |
|
Krimpende bakaard |
♦ Te koude vulling. ♦ Onvoldoende gekneed. ♦ Te hoge oventemperatuur |
|
Geen ovenwerking |
♦ Te kort geweekte vruchten. ♦ Te warm deeg (28-30°C). ♦ Te lange rijs. |
|
Niet gaar |
♦ Te dun getoerd (beschadigde vetlaagjes). |
|
Product snel droog |
♦ Slechte kneding. |
|
Product schimmelt snel |
♦ Opgeslagen in een vochtige en warme omgeving. |
| Blaasvorming op de bovenkorst | ♦ Te slap deeg. ♦ Te veel stoom in narijskast en oven. |